Wat is de aanrechtsubsidie precies?
De aanrechtsubsidie is het deel van de algemene heffingskorting voor je minstverdienende partner. Die partner heeft meestal weinig of geen eigen inkomen. De Belastingdienst noemt dit zelf "heffingskortingen laten uitbetalen." De term aanrechtsubsidie is de bekende, informele naam ervoor.
Meerdere voorwaarden bepalen dit. Je hebt dezelfde fiscale partner nodig voor meer dan zes maanden. Een fiscale partner is je partner voor de belasting, meestal je echtgenoot of geregistreerd partner. Je bent geboren vóór 1963. Je eigen belasting is te laag om de korting te verrekenen. En je fiscale partner betaalt genoeg belasting om de uitbetaling te dekken.
Ben je geboren in 1963 of later? Dan krijg je via deze route niets, geen verlaagd bedrag. De regeling is voor die groep afgeschaft, en het bedrag is €0.¹
In het kort
€3.115 in 2026, tegen €3.068 in 2025. Dat is het maximumbedrag voor de minstverdienende partner.¹
Geboren vóór 1963 is de harde grens. Geboren in 1963 of later betekent €0, zonder uitzondering.¹
Geen aparte aanvraag nodig. De Belastingdienst betaalt dit automatisch uit via je jaarlijkse aangifte.¹
Je eigen inkomen telt nog steeds mee. Een bescheiden eigen inkomen kan je bedrag onder het maximum brengen.²
Het kan dalen bij de AOW-leeftijd, van beide partners. AOW-leeftijd is de leeftijd waarop je AOW krijgt. Je recht stopt niet automatisch, maar een vooraf uitbetaalde voorlopige aanslag stopt wel.
Wil je het eerder? Vraag dan een voorlopige aanslag aan of wijzig deze, in plaats van te wachten op de jaarlijkse afrekening.¹
Vanaf 2028 wordt een uitbreiding verwacht voor sommige huishoudens waar de minstverdienende partner na 1962 is geboren.³
Wie komt hier eigenlijk voor in aanmerking?
Je komt in aanmerking als je vóór 1963 bent geboren. Je verdient dan ook minder dan je fiscale partner. Neem Ingrid. Ze is 65 en geboren in 1960. Ze werkt al jaren niet meer, dus ze heeft geen eigen inkomen. Haar man Willem werkt nog twee dagen in de week. Hij betaalt inkomstenbelasting over zijn salaris.
Ingrid voldoet aan de voorwaarden. Daardoor wordt een deel van haar eigen algemene heffingskorting rechtstreeks aan haar uitbetaald. Dat is de korting waar elke belastingplichtige recht op heeft. Zonder baan of fiscale partner om op te leunen zou die korting anders onbenut blijven.
De regel is leeftijdsgebonden, niet situatiegebonden. Dat verandert niets aan het volgende: of Ingrid ooit heeft gewerkt, of ze een klein pensioen of deeltijdwerk heeft naast Willem. Haar geboortejaar, haar lage eigen belasting en de belasting van Willem bepalen dit.
Hoeveel krijg je precies?
In 2026 is dat €3.115, tegen €3.068 in 2025.¹ Het maximumbedrag stijgt elk jaar. De tabel hieronder zet beide jaren naast elkaar, en het bedrag voor iedereen die in 1963 of later is geboren.
| Situatie | 2025 | 2026 |
|---|---|---|
| Minstverdienende partner, geboren vóór 1963 | €3.068 | €3.115 |
| Minstverdienende partner, geboren in 1963 of later | €0 | €0 |
Hoe vraag je de aanrechtsubsidie aan?
Je vraagt hem niet apart aan. Je doet gewoon je jaarlijkse aangifte, samen met je fiscale partner. De Belastingdienst controleert automatisch of je recht hebt op uitbetaling, en keert uit wat je toekomt.¹
Wil je het eerder dan de jaarlijkse afrekening? Vraag dan online een voorlopige aanslag aan. Heb je er al een? Wijzig die dan.¹ Zo krijg je het bedrag in maandelijkse termijnen door het jaar heen, in plaats van in één keer na je aangifte. Lees hoe je een voorlopige aanslag aanvraagt of wijzigt.
Wanneer stopt de aanrechtsubsidie?
Het bedrag kan lager worden of stoppen zodra een van beide partners de AOW-leeftijd bereikt. De twee triggers werken wel verschillend.
Bereikt Willem als eerste de AOW-leeftijd? Zijn eigen belastingtarief daalt meestal zodra hij AOW ontvangt. Dat kan het bedrag dat aan Ingrid wordt uitbetaald verlagen, zonder de aanrechtsubsidie automatisch te beëindigen.¹
Bereikt Ingrid zelf de AOW-leeftijd? Haar recht op uitbetaling stopt dan niet automatisch. Haar algemene heffingskorting daalt wel. Bij een heel jaar AOW is dat maximaal €1.556 in 2026. Krijg je alleen deze korting vooraf uitbetaald via een voorlopige aanslag? Dan stopt de Belastingdienst die uitbetaling in het jaar waarin je de AOW-leeftijd bereikt. Je recht op de korting blijft bestaan. Alleen de maandelijkse vooruitbetaling stopt dan. Dit bedrag staat in de tabel heffingskortingen van de Belastingdienst, geraadpleegd op 2026-07-13.¹
Zo werkt dit voor Ingrid en Willem.
Ingrid is geboren in 1960, dus ze haalt de grens ruim. Ze heeft geen eigen inkomen, dus haar eigen belasting kan haar korting niet verrekenen. Willem betaalt genoeg belasting om die korting te dekken. Die combinatie geeft Ingrid het maximum voor haar situatie, €3.115 in 2026.¹
Eén ding houdt hen al bezig: Willems AOW-leeftijd, nog een paar jaar weg. Zodra hij die bereikt, daalt zijn belastingtarief waarschijnlijk, en kan Ingrids bedrag meedalen. Dat is een normaal onderdeel van het mechanisme, geen fout in hun aangifte.
Komt er een uitbreiding voor mensen geboren na 1962?
Ja, een uitbreiding wordt verwacht, al is er nog niets definitief beslist. Het kabinet stelt voor om steun uit te breiden naar sommige eenverdienershuishoudens die nu buiten de grens van 1963 vallen.³
Het voorstel richt zich op huishoudens met een fiscale partner. De ene partner moet op of na 1 januari 1963 zijn geboren, met weinig of geen eigen inkomen. Het gezamenlijke inkomen moet onder ongeveer €48.500 blijven. De andere partner mag zelf ook weinig of geen recht op arbeidskorting hebben, meestal omdat die persoon een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt.³ Het kabinet streeft naar een ingangsdatum van 1 januari 2028. Voor de tussentijd loopt een kleinere compensatieregeling via gemeenten, van 2025 tot en met 2027.³ Ook de overdraagbaarheid van de algemene heffingskorting voor werkende eenverdieners wordt vanaf 1 januari 2028 verwacht.³
“De meeste mensen stellen ons dezelfde vraag. Niet hoeveel ze krijgen, maar wanneer het stopt. De geboortejaar-grens is bekend. De twee AOW-triggers, één voor elke partner, zijn wat mensen vaak missen.”
Wat betekent dit voor jou?
Begin bij je geboortejaar. Geboren vóór 1963, met een fiscale partner die meer verdient dan jij? Dan kom je waarschijnlijk al in aanmerking, en zou je jaarlijkse aangifte dit al moeten laten zien. Wil je het geld eerder, verspreid over het jaar in plaats van in één keer? Vraag dan een voorlopige aanslag aan, of wijzig de aanslag die je al hebt. Twijfel je of je aangifte dit goed regelt, of wat de AOW-leeftijd van je partner voor jouw bedrag betekent? We controleren de hele situatie voordat we iets indienen. Zet de stappen op een rij via onze pagina over de voorlopige aanslag.
¹ belastingdienst.nl, Heffingskortingen laten uitbetalen, kan dat? · Geraadpleegd
² belastingdienst.nl, Wat is de algemene heffingskorting en hoeveel krijg ik? · Geraadpleegd
³ rijksoverheid.nl, Wat is een heffingskorting en welke heffingskortingen zijn er? · Geraadpleegd

