Je dient één gezamenlijke aanvraag op papier in bij de Belastingdienst. Jij en je medewerker ondertekenen die allebei. We bereiden de aanvraag voor, verzamelen de documenten en dienen alles voor je in. De regeling geldt als je de medewerker uit het buitenland aanwerft. Komt je medewerker van een andere Nederlandse werkgever, dan vraag je de regeling opnieuw aan. Dat kan alleen als er minder dan drie maanden tussen beide banen zitten. Met de regeling betaal je daarna een deel van het salaris onbelast uit.
De salarisnorm is bepalend. In 2026 moet het belastbare jaarloon boven €48.013 blijven, ook nadat het onbelaste deel eraf is. Voor een medewerker onder de 30 met Nederlandse universitaire master geldt €36.497 in 2026. Zakt het loon in een jaar onder de norm, dan is de regeling bij jou voorbij. Je corrigeert dan met terugwerkende kracht tot 1 januari. Deze normen van 2026 gelden voor medewerkers bij wie je de regeling vanaf 2025 toepast. Bekijk de salarisnorm van de 30%-regeling voor het bedrag van elk jaar.
Keurt de Belastingdienst de aanvraag goed, dan ontvang je de zogeheten beschikking. Daarna sturen we je administrateur een schriftelijke instructie. Daarin staan het onbelaste bedrag en de ingangsdatum. Komt de beschikking na de eerste loonstrook, dan corrigeert je administrateur dat.
Aan het onbelaste deel zit een plafond. In 2026 stopt het bij €78.600 per jaar, bereikt bij een salaris van €262.000.
Meer over de voorwaarden lees je in onze gids over de 30%-regeling. Je kunt de regeling maximaal vijf jaar aanbieden, gerekend vanaf de ingangsdatum op de beschikking.